150 Jaar Van Crombrugghe's Genootschap
Over dingen die voorbij gaan en over de toekomst...



In de brede waaier van Gentse vrijzinnige verenigingen mag het 'Van Crombrugghe's Genootschap' zeker niet ontbreken. Gesticht in 1857 door een aantal leerkrachten en oud-leerlingen van het Gents Stedelijk Onderwijs kan het genootschap dit jaar 150 kaarsjes uitblazen. Reden te over dus om in 'Dé Geus' uitgebreid aandacht te besteden aan dit genootschap dat toch niet bij alle vrijzinnigen gekend is.

'Koninklijke Maatschappij Van Crombrugghe's Genootschap'...

Toegegeven, het klinkt nogal zwaar op de hand, ietwat plechtig en misschien zelfs een beetje gedateerd. En heel wat republikeins gezinde vrienden zullen niet erg opgezet zijn met dat 'koninklijke' in de titel, maar de bestuurders en leden van het genootschap houden er toch aan om de oorspronkelijk naam van de vereniging in stand en ere te houden.

Het Van Crombrugghe's Genootschap is immers niet zomaar een vereniging. Al 150 jaar bouwt het genootschap aan een traditie die gestoeld is op humanistische waarden, hetgeen uniek is in de Gentse en zelfs Belgische context. Doorheen zijn geschiedenis heeft het genootschap steeds een belangrijke rol gespeeld in de emancipatie van zijn leden en sympathisanten, zowel op ethisch-filosofisch, sociaal als cultureel vlak. In een recent verleden werden dergelijke waarden vaak bekeken als oudbollig en voorbijgestreefd, maar de maatschappelijke evoluties van de laatste jaren hebben duidelijk aangetoond dat er in onze samenleving opnieuw plaats is voor waarden zoals die door het genootschap steeds verdedigd en in de praktijk werden gebracht. Dus ook in de toekomst is er voor het genootschap nog een belangrijke maatschappelijke, sociale en culturele rol weggelegd

Ontstaan van het genootschap

In oktober 1857 werd het genootschap opgericht door enkele oud-leerlingen van de gemeentescholen van Gent. De vereniging had tot doel: 'beschaving en verlichting der leden bij middel van lectuur en onder wijs en ondersteuning der beste leerlingen der stadsscholen, die het verlangen uitdrukken hun studies verder te zetten en wier ouders de middelen niet bezitten om hun de noodige boeken te bezorgen'. (Uit: 'Geschiedenis van het stedelijk onderwijs te Gent 1828-1914', door Michel Steels).

Het genootschap kreeg zijn naam ter verheerlijking van Burgemeester Van Crombrugghe, de man die zoveel goed voor de Gentse gemeentescholen had gedaan.

Joseph Van Crombrugghe (° Gent, 1770-1842) vestigde zich als advocaat op de Kouter te Gent. Onder het Hollandse regime stapte hij in de politiek en werd lid van de Provinciale Staten van Oost-Vlaanderen en van de Tweede Kamer van de Staten-Generaal. Wegens zijn engagement en juridisch inzicht benoemde koning Willem I hem tot bestuurder van het ministerie van binnenlandse zaken en in 1824 tot buitengewone staatsraad. In 1825 werd hij aangesteld als burgemeester van Gent, een functie die hij zich erg ter harte nam, zodanig zelfs dat hij het hem aangeboden gouverneurschap van Antwerpen weigerde. Na de onafhankelijkheid van België verzekerde hij de overgang van het bestuur en werd het boegbeeld van de veel besproken orangistische groep rond de 'Société des Amis de l'Ordre et du Repos Public' van Hippolyte Metdepenningen. Onder zijn bewind (tussen 1825 en 1842) werden de werken aan het kanaal Gent-Terneuzen afgerond en werden nieuwe dokken gegraven. De opera, het justitiepaleis en de grote aula van de universiteit in de Volderstraat openden in die periode hun deuren, maar hij geniet vooral bekendheid door zijn inzet voor het gemeentelijk onderwijs. Naast ingrijpende veranderingen voor het lager onderwijs ging zijn aandacht ook naar het voortgezet onderwijs: zo werd in 1832 het stedelijk atheneum heringericht, terwijl ook de Stedelijke Normaalschool en de Nijverheidsschool onder zijn bestuur werden gebouwd.

Vijftien jaar na zijn dood werd dus het naar hem genoemde genootschap opgericht, in een woelige sociale en politieke periode waarin de officiële stadsscholen het monopolie van de kerk in het onderwijs probeerden te door-breken. Gent is hierin steeds een voorloper geweest en heeft dan ook - samen met Antwerpen - tot de dag van vandaag de rijkste traditie van gemeentelijk onderwijs! De stichting van het genootschap moet bovendien gezien worden tegen de achtergrond van een aantal politieke veranderingen, zoals het einde van het unionisme en de vorming van de politieke partijen. Deze veranderingen, gecombineerd met de overgang van een agrarisch-ambachtelijke naar een industriële samenleving, gepaard gaand met de opkomst van de arbeidersbeweging en de ontluikende Vlaamse cultuuremancipatie, zorgen midden de 19de eeuw voor een bruisende, maatschappelij k explosieve cocktail.

Deze maatschappelijke veranderingen boden evenwel ook veel kansen. De tweede helft van de 19de eeuw wordt gekenmerkt door een bloei van het verenigingsleven. Niet alleen het Van Crombrugghe's Genootschap, maar ook tal van andere verenigingen - zoals 't Zal Wel Gaan en het Willemsfonds - zagen toen het licht.

De betekenis van het genootschap in de 19de eeuw

Ons Blad 1900De stichters, voornamelijk onderwijzers, bedienden en ambachtslui -met andere woorden de lagere middenklasse- waren er van overtuigd dat de massale armoede en ellende van de lagere volksklassen enkel te verhelpen was door een betere opvoeding en kosteloos (basis)onderwijs. Een visie die voor veel Gentenaars de sleutel betekende voor hun ontvoogding en de basis legde voor heel wat succesrijke carrières in het maatschappelijk leven.

Zo werden tot 1945 honderden normalisten bij hun studie door het genootschap geholpen. Het Van Crombrugghe's Genootschap heeft ook een grote betekenis gehad in de sociale ontvoogding van de arbeiders en ambachtslui en in het Vlaams cultureel leven te Gent. Vermits de traditionele politieke partijen nog moesten worden opgericht (behalve de liberale), speelden verenigingen zoals het Van Crombrugghe's Genootschap een cruciale rol op dit vlak. Op de ledenlijsten zien we dan ook heel wat bekende namen terug, mensen die later een belangrijke rol zouden spelen in zowel de liberale als de socialistische partij. Onder de lijst van voorzitters treffen we ondermeer de namen aan van Rolin-Jacquemyns (minister van Binnenlandse Zaken 1878-1884), Jules de Vigne, P. de Schamphelaere, Prof. J. Vercouillie...

Toch mag niet vergeten worden dat het genootschap in eerste instantie geen zuiver 'vrijzinnig nest' was. Bij de stichters waren ook mensen die later tot de katholieke partij zouden gaan behoren. Het duurde tot de late jaren zestig van de 19de eeuw vooraleer het Van Crombrugghe's Genootschap zich - vooral onder impuls van Julius Vuylsteke - tot het vrijzinnige Vlaams-liberale kamp zou bekennen.

De activiteiten

Van bij het begin was de belangenbehartiging van het stedelijk onderwijs dé primaire taak die het genootschap zich stelde, zoals onder meer het kosteloos verstrekken van studieboeken, het oprichten van een bibliotheek en een leeskabinet met nieuwsbladen en tijdschriften (een openbare bibliotheek avant-la-lettre!), het organiseren van lessencursussen en voor-drachten,... Alhoewel beslist geen echte literaire vereniging, organiseerde het genootschap in de 19de eeuw meermaals (toen erg populaire) 'prijskampen voor uitgalming' (voordracht) en wedstrijden voor toneelwerk. Belangrijker waren echter de voordrachtreeksen die lange tijd werden georganiseerd. Een blik op de lijst van de sprekers (zoals Julius Vuylsteke, Prudens Van Duyse, Multatuli (!), Hendrik Conscience,...) en de behandelde onderwerpen geeft een idee van de vooruitstrevende, vrijzinnige maar ook pluralistische filosofie die het genootschap in het Vlaamse ontvoogdingsproces wilde uitdragen.

erediploma VCGIn de loop van zijn bestaan ontwikkelde het VCG een zeer brede waaier van culturele, maar ook algemeen-maatschappelijke activiteiten, mengde het zich zelfs in actuele politieke problemen, zoals de zogeheten. 'bloedwet' in verband met de loting voor militaire dienst, de staatshervormingen, het stemrecht, de invoering van de culturele autonomie.

Ook werd een toneel- en een zangafdeling in het leven geroepen en ontstonden er afdelingen voor de jeugd, sport, reizen, enz. De toneel- en zangvereniging was trouwens decennialang toonaangevend in het Gentse. Tot eind de jaren negentig van de vorige eeuw vonden in de toneelzaal van het VCG theatergezelschappen - zoals het G.A.T. (Gents Amusementstheater) van Eddy Daese - er hun vaste stek. Zonder twijfel heeft het genootschap met dit alles een grote betekenis gehad in de sociale ontvoogding van de arbeiders en ambachtslui.

Allerlei maatschappelijke en culturele factoren (de algemene welvaartsstijging, de democratisering van het onderwijs en de vrijetijdsbesteding, het ontstaan van nieuwe cultuurvormen, culturele centra, nieuwe media, enz...) maakten dat het Van Crombrugghe's Genootschap - zoals tal van andere verenigingen - in de jaren 1970-1980 een dieptepunt bereikte. Men kwam tot het besef dat de klassieke rol van het genootschap als achterhaald en vaak zelfs als bevoogdend moest worden beschouwd.

De toekomst

Met geactualiseerde doelstellingen en met een aangepast programma ontstond er vanaf de jaren 1990 opnieuw een verenigingsleven rond het genootschap. Als vrijzinnig centrum wil het echter nog steeds de nadruk blijven leggen op het stimuleren van het officieel onderwijs in het algemeen en het stedelijk onderwijs in het bijzonder.

Na de renovatie van het gebouw gaat alle energie naar de werking van de vereniging. Een deel van het gebouw wordt gebruikt als vergader- en ontmoetingsruimte, als secretariaat en voor het ontwikkelen van eigen activiteiten. Daarnaast staat het ook open voor andere (socio-culturele) organisaties met gelijkaardige doelstellingen en basiswaarden.

Het Van Crombrugghe's Genootschap wil zich de komende jaren richten op het aantrekken van een breed publiek en het ontwikkelen van een waaier aan eigen sociale en culturele activiteiten die een meer open en tolerante samenleving bevorderen. Gelegen in de directe omgeving van de multiculturele Sleepstraat wil het genootschap activiteiten organiseren die de buurtwerking en de integratie van alle bevolkingsgroepen uit de buurt bevorderen en zo inspelen op de talrijke initiatieven die inzake stadsvernieuwing worden genomen.

150 Jaar na de oprichting wordt het 'Van Crombrugghe's Genootschap' op zaterdag 20 oktober 2007 ontvangen op het Gentse stadhuis en door de burgemeester in de bloemetjes gezet. Als kers op de taart vindt dan in december een panelgesprek plaats rond de figuur van Jozef Van Crombrugghe, het Genootschap en zijn impact op de 21ste eeuw, gevolgd door een feestelijk gebeuren. Meer info daarover krijgt u in de volgende 'de Geus'.

Gilbert Van Den Berghe & Fred Braeckman
Artikel verschenen in DE GEUS, jg. 39, nr. 7 sept. 2007


 top